De reis voorbij de mooie plaatjes, deel 1

Posted by on Mar 6, 2016 in Bewustzijn, Nepal, Over Mezelf | 3 comments

Wanneer er enkel foto’s, of momentopnames worden getoond, geeft dit een vervorming van de werkelijke ervaring, vind ik, zeker omdat ik van nature niet zo geneigd ben veel beelden van mensen te nemen. Ik beleef het namelijk als nogal intrusief en onrespectvol (zonder erom te vragen). En, omdat wanneer ik werkelijk een ontmoeting aanga, niet bezig ben met het vastleggen ervan. De ervaring zelf is voor mij toch eeuwig en onuitwisbaar.

Het was een reis met uitgesproken pieken en dalen, in letterlijke en figuurlijke zin van het woord. Naast een prachtige uiterlijke reis was mijn aandacht toch het grootste deel gericht op mijn innerlijke reis, dewelke zeer uitgesproken was in beleving. Een groot deel van de reis was het geen beleving van de hemel zoals ik me ze voordien had voorgesteld. Het leek wel alsof er nog heel wat doorvoeld (verwerkt en geheeld) diende te worden voordat ik werkelijk wat meer kon gaan genieten, of überhaupt innerlijk meer tot rust komen, al was dit achteraf gezien misschien wel het hele opzet van de reis. Versta me niet verkeerd, het was een prachtige reis en ik had het niet anders gewenst, doch ze was wel behoorlijk intens.

Ik heb besloten voor deze reis dat ik mijn dagboek niet integraal ga uittypen, doch eerder een totaalbeeld scheppen van de ervaring met beschrijving van enkele anekdotes die belangrijk waren voor het geheel. In persoonlijk contact kan ik nog steeds dieper gaan naar believen. 😉

Wat deze reis anders maakte en bijdroeg aan de ervaring was het feit dat ze volledig omkaderd was en ik zelf niets diende te regelen. Natuurlijk had ik nog inspraak, maar ik hoefde me niet te bekommeren om de praktische zaken. Dit gaf veel extra ruimte om werkelijk nog dieper in de ervaring te gaan. Hierboven had ik ook gekozen geen afstandscommunicatie of internet te gebruiken, zodat ik volledig in het ‘Hier en Nu’ zou zijn in Nepal. Het grootste deel van de reis had ik ook een gids en porter, niet steeds dezelfde, doch zelden (> 1/4) was ik echt helemaal alleen. Natuurlijk is iemand die je begeleid niet hetzelfde als kennissen of vrienden, wel maakte het dat ik niet op zoek ging naar mensen, of geneigd was het op mezelf zijn in te ruilen voor reizen met anderen. Ik kon me werkelijk blijven focussen op mijn eigen reis en mezelf, zonder te veel compromissen te maken of te moeten rekening houden met anderen.

Dit alles gezegd zijnde:

Nepal 2016, een stevige innerlijke reis in een mooi kleedje.

Laat ik beginnen met het einde, haha. 🙂 De tattoo die je tussen mijn foto’s kon terugvinden is wel degelijk een echte. De kunstenaar heeft hem na een schets in mijn dagboek rechtstreeks op mijn rug vervaardigd in een mooie 3,5u. De tattoo toont in vorm, maar vooral in betekenis wat ik meeneem uit deze reis en de levensfase voorafgaand aan de reis. In het centrum staat het symbool AUM, wat zoveel wilt zeggen als ‘Het Beginsel’ voor mij. De klank en trilling waar alles uit voortkomt. Ze is puur, volmaakt en allesomvattend op zichzelf, hoe kan het ook anders als alles eruit voortkomt. Voor mij betekent dit ook ‘God’, dat waaruit en waarin alles bestaat. Het centrum, of ‘Het Beginsel’, God straalt dan verder uit naar buiten toe, als de zon, een ander krachtig symbool waar ik me graag mee verbind, of waar ik me mee verbonden voel. Vanuit ‘Het Beginsel’ straalt liefde en puur Licht naar buiten uit.

Mijn intentie met het zetten van deze tattoo is het krachtig naar buiten brengen van mijn innerlijke ‘Zijn’, mijn ware Zelf in al zijn puurheid en zuiverheid, als God-Mens, als Christus.

Toen de kunstenaar klaar was met zijn werk en ik voor de eerste keer mocht zien wat er nu voor de rest der dagen op mijn rug staat, verschoot ik zelf wel. Het was groter, krachtiger en diepgaander geworden dan ik zelf had gedacht. Ik had het mij lichter en fijner voorgesteld. Nu een weekje later ben ik er ondertussen aan gewend. Ik heb de kunstenaar, waarmee ik een energetische verbinding voelde, vrij spel gegeven. Ik heb hem zijn gevoel laten volgen in het vervaardigen van het kunstwerk en dit is eruit gekomen. Een krachtige afdruk van mijn intentie, op mijn godsvoertuig, mijn lichaam. Ach, hoe kan het ook anders, een flauwe afdruk zou voor mij als schorpioen toch niet kloppen. Grondig en diepgaand, anders niet! 😉

Het voelt heel erg bijzonder en krachtig om zo die intentie neer te zetten en ik voel ontroering elke keer ik eraan denk. Het deed pijn, zeker het inkleuren, doch het was en is het absoluut waard. De pijn heeft enkel gemaakt dat ik nu nog meer de waarde en kracht ervan besef. En zo maak ik graag de overgang naar de rest van het verhaal.

AUM

 

De weg naar en van de luchthaven maakte ik op mezelf. Karen kreeg de uitnodiging wel, doch koos ervoor er niet op in te gaan. Het was dus duidelijk dat ik het in de vorm alleen diende te doen, de verankering van de Christus of het Godsbeginsel in mezelf als mens.

Het verder loslaten van vele gedachten, overtuigingen en gehechtheden aan de vorm, de uiterlijke illusionele wereld, was dan ook een groot en belangrijk deel van de reis en wellicht nodig om de verankering zo krachtig te kunnen maken. De voorbije jaren, met de afronding de laatste maanden, heb ik in mezelf de overgang gemaakt van een ego gestuurd leven naar een god gestuurd leven. Aandacht verschoof geleidelijk van vorm en materie, het uiterlijke, naar de energetische oneindigheid van wat is, ons innerlijk, ons beginsel, onze kern. Van schijn en illusie naar de ware werkelijkheid voorbij de dingen. In dit proces heb ik vele dingen dienen los te laten, doch in contact met wat er werkelijk toe doet, is de pijn die hierbij kwam kijken niets en vergankelijk.

Maar dan terug naar de reis, de afrondingsfase van de grotere innerlijke beweging. De reis bestond grofweg uit drie grotere fases met een afronding in de vorm van een tattoo als 4de de laatste dag in Nepal.

De eerste fase, bestond uit een kort verblijf in een klooster, Namo Boeddha genaamd en liep uit tot het vertrek op trektocht. Namo Boeddha was gebouwd op de plaats waar Boeddha in een eerdere incarnatie zijn fysieke lichaam zou gegeven hebben aan een tijger die een hongerdood te wachten stond omdat ze haar welpen niet kon achterlaten. Het is een prachtig recent klooster ergens op een kam van een heuvel (berg in België termen), uitkijkend over de omgeving. Op het moment dat ik er verbleef waren de volwassen monniken naar een broederklooster in India en waren enkel de kinderen en jongeren aanwezig. Het was een speciale tijd omdat in China de jaarovergang naderde en dit Tibetaanse Klooster volgde dus dezelfde jaartelling. In de aanloop van de jaarovergang was er een soort festival van een week waarin de monniken van ‘s ochtends tot ‘s avonds mantra’s chantten ter bevordering van innerlijke en uiterlijke (wereld) vrede. Het jeugdige klooster met tevens jonge bevolking gaf een levendige uitstraling. Vergeleken met de ZEN traditie die meer uit China en Japan komt was de belichaming van het Boeddhisme zoals ik ze hier mocht voelen veel vrijer en luchtiger. Ja, de kinderen werden uitgenodigd voor het festival, maar het voelde meer alsof ze uit eigen beweging daar waren. Ze mochten gewoon kind zijn, al spelend met elkander en werden onderwezen en gewezen op hun verantwoordelijkheden en de gevolgen die ze schepten met hun acties. Ik vond het een bijzondere plek.

 

Namo Boeddha

 

Innerlijk was er voor mij echter nog weinig rust. Wel hielp de plek me een gemoedelijkere houding aan te nemen naar mezelf en de onrust die er op dat ogenblik aanwezig was. Ik deed er veel aan zelfonderzoek en vooral over de manier waarop ik met mezelf omging in mijn schijnbare ‘onvolkomenheden’ zoals mijn verstand ze opwierp. Tijdens de dag, maar vooral tijdens het slapen gaan luisterde ik er regelmatig naar de audiofragmenten van Eckart Toll: ‘The Art of Presence’ en verdiepte me ook terug opnieuw in het Boeddhisme, en de leringen van Boeddha die ons de weg toont naar verlichting (leven in de energetische werkelijkheid, vrij van aardse illusionele bestaan en het lijden dat erbij hoort) toont. Zoals de kinderen daar toegestaan werden kind te zijn en kattenkwaad uit te halen, zo liet ik mijn verstand ook meer zijn voor wat het was, opwerpend wat het opwierp, zelfs al lukte het me nog moeilijk de rust te vinden, ik bleef erbij aanwezig voor zo lang dat dit lukte en was zachter voor mezelf wanneer het niet meer lukte en ik afleiding nodig had. Het was wennen aan zoveel echt bij mezelf zijn en zo weinig ‘te doen’ te hebben. Het was oefenen, veel oefenen in gewoon zijn en veel verdragen van het onrustige verstand en het ego dat daarbij hoort.

De zorgen waarin mijn verstand investeerde om aan het stuur te kunnen blijven, en waarin het toen nog vaak slaagde waren de afwezigheid van de fysieke Karen in mijn leven, geldzorgen en materiële zorgen, mijn integriteit in contact met vrouwen, en twijfels over wie ik ben en over de juistheid van mijn voelen/intuïtie. Een groot deel van de tijd werd ik opgeslokt door zwarte wolken die het Ware Zelf overschaduwde. Ik was me wel grotendeels bewust hiervan, en zodoende ook wel aanwezig als mezelf in mezelf, doch het licht mocht nog zelden echt naar buiten schijnen. Het grootste deel van het licht gebruikte ik om licht te werpen op al die donkerte die zich aandiende in mezelf. De dagen waren meestal nog wel te doen in evenwicht, doch de nachten konden behoorlijk stevig zijn. Het patroon zoals ik het reeds van thuis kende zette zich ook in Nepal voort. Met een beetje geluk geraakte ik nog wel in slaap zonder te veel gepieker, doch de nacht en vooral ochtend waren ‘hels’. Ik werd vroeg wakker na meestal heel wat angstige dromen en lag daar dan nog na te voelen voor enkele uren totdat het een aannemelijk moment was om uit te bed te komen. Dan klaarde de mist tot op zeker hoogte op en begon de dag. Het luisteren van de audiofragmenten hielp me meestal wanneer het lijden te groot werd. Ze hielpen me om een ander perspectief in te brengen en meer aanwezig te komen in het moment.

De kaarten die ik trok in aanvang van en tijdens een groot deel van de reis waren in het thema van loslaten en het einde van iets. Ook werd ik voortdurend aangemoedigd om alles vanuit een hoger perspectief te bekijken en mijn aandacht te richten op het nieuwe dat zich aan het verankeren was.

Een van de grootste katalysators tijdens deze reis was dat grote thema, mijn angst voor mezelf in contact met mooie en bijzondere vrouwen. De angst dat ik ‘slecht’ ben en ‘slechte’ acties zou ondernemen in contact met vrouwen. Ik kan daarin zo sterk twijfelen aan mijn integriteit (als man). Mijn verstand weet dan zoveel oordelen op te werpen naar mij en maakt tal van fantasieën waardoor ik zo sterk begin te twijfelen dat ik mezelf kwijtraak. En hierin wist het ego van Karen mijn ego te vinden en activeren.

De eerste ontmoeting met een bijzondere vrouw gebeurde al in het tweede vliegtuig op de heenreis. Ik voelde dat ik even opleefde uit mijn gedachtewereld en genoot van het contact. Doch even later pikt het verstand dan in met gedachten zoals: ‘je hebt vrouwen nodig om je goed te voelen, je bent afhankelijk, je bent een viespeuk want je gebruikt ze om jezelf goed te voelen, je zoekt gewoon bevestiging, etc.’ Na de fijne ontmoeting wist men verstand zo enkel nog meer macht over me te krijgen.

De volgende dag ontmoette ik in de avond een Franse vrouw, opnieuw een mooie vrouw, die ook een spirituele reis aan het maken was en daar was voor een verdieping in Yoga enz. In eerste instantie was het opnieuw aangenaam in contact en dan geleidelijk begon de zelftwijfel over wat ik aan het doen was. Toen het gevoel opkwam dat ik graag ergens anders naartoe wilde met haar en dat het wel even genoeg was met babbelen, begon ik meer te blokkeren. Ik durfde nog wel te zeggen dat ik graag met haar ergens anders naartoe wilde en zo vertrokken we ook. Geleidelijk aan namen mijn angsten het echter over en blokkeerde ik. Mijn godsvonk verliet me en enkel een krampachtige Andreas bleef over. Ik voelde niet meer wat juist was voor mij en had enkel twijfels over mezelf en mijn intenties. Tegelijk met die twijfel en angsten zweefden er dan ook heel wat fantasieën rond waar ik geen blijf mee wist en die me nog verder van mezelf brachten. De fantasieën gingen van vorm verlangens zoals huisje, tuintje, boompje tot seks in de wildste vormen. Een schouwspel aan (oude) troep. Omdat ik met mezelf geen blijf meer wist verontschuldigde ik me tijdens de ‘wandeling’ en maakte de aftocht naar mijn hotel, met een verslagen gevoel: ‘Geraak ik hier ooit door?’

Vanzelfsprekend mengt Karen zich dan ook in mijn gedachtegang. Wat maak je jezelf wijs, wat maakte je haar wijs, er loopt schoon en interessant vlees rond en je bent al van de kaart met allemaal ‘willetjes en fantasieën’. Wat je voelt is niet echt, dat is toch niet wat je wilt? Ze kan je niet eens liefhebben, enz. Kwaadheid en frustratie over de voorbije maanden en haar keuzes, angsten in vele vormen en verdriet. Ja dit hoorde er dagelijks wel bij in die grote zwarte wolk van me.

De laatste ontmoeting van de eerste periode in de reis was een ontmoeting met een oogverblindende lokale vrouw die een winkeltje had nabij Namo Boeddha. Tijdens een wandeling kwamen we langs haar huis en kregen we spontaan verse clementines aangeboden. Als een vrouwelijke tijger klom ze zelf het boompje in en plukte ze sierlijk de rijpe vruchten. Haar kracht en tevens vrouwelijke zachtheid was echt oogverblindend. Het deed me helemaal levend voelen dit te aanschouwen. Spontaan zette ik me neer en ging aan het haken van een van mijn hartjes. Spontaan in ontroering voor de natuurlijke schoonheid van de schepping. Ik genoot ook van de aandacht en de nieuwsgierigheid voor mijn creativiteit. Toen het af was overhandigde ik haar mijn symbool voor wat ik voelde, een hartje. En toen begon het. Ze was eerst terughoudend, doch nam het toch aan. Mijn porter verklaarde met iedereen erbij droogjes: “Ze is getrouwd, maar mocht ze niemand hebben dan zou ze je zeker wel appreciëren. ” En mijn gedachtenmolen schoot in gang. Dat wat voordien spontaan gebeurde zonder veel gemoei van het ego verschoof geleidelijk opnieuw naar de innerlijke twijfel en het gefantaseer. Aangekomen terug bij het klooster bleek ze daar dus een winkeltje te hebben, en een zoontje van nog geen jaar. Haar man, een knappe, krachtige verschijning met zeer zachte ogen paste haar perfect. Voor de rest van het verblijf daar durfde ik haar niet meer in de ogen kijken of maar nabij komen. Mijn verstand had namelijk terug de macht overgenomen. Mijn hoofd zat voor fantasieën over de jonge twintiger die ondertussen een waanbeeld was geworden in mijn hoofd en, een berg aan gedachten die ondertussen vertelde hoe slecht ik wel niet was. ‘Een vrouw die juist een kindje heeft met een prachtige man en jij hebt fantasieën in je hoofd’. Dit schouwspel bracht me van mijn loot. Beide hielden elkaar in stand, de fantasieën en de zelftwijfel. Alsof goed en slecht, wit en zwart, met elkaar in gevecht waren en ikzelf kwam niet meer aan het roer wanneer dit zich afspeelde in mij.

Gelukkig waren de eerste gids en porter, Pulla en Pema niet echt confronterend voor me. Ik ervoer een zekere nabijheid en ook humor konden we met hopen gebruiken. Het contact met hun tijdens de wandelingen of andere gaf me dus de nodige afleiding als de innerlijke processen me te veel werden. Doch, een algemeen gevoel van eenzaamheid was toch een trouwe kompaan, zeker als ik echt alleen was. Ja, verlichting had ik nog niet gevonden in het klooster, waarom had ik toch ‘zoveel’ geld betaald om naar Nepal te komen, lijden kan ik thuis toch ook?

 

Boom

 

De tweede fase ging van start na nog een kort bezoek in een andere grote stad in de Kathmandu vallei, namelijk Bakthapur. Ik verbleef er nog een dagje alleen voordat ik terug zou gaan naar Kathmandu van waaruit we zouden vertrekken voor de twee weken durende trektocht. In Bakthapur kocht ik mijn tweede grote ‘dure’ souvenir waarmee ik mijn angst om te kort te komen verder onder druk zette. In Kathmandu had ik in een winkeltje een echte Healing Bowl gekocht, met de klank en trilling van, je raad het nooit: AUM. Ik had een diepgaand contact met de verkoper gevoeld en werd sterk aangetrokken door deze schaal en het geluid ervan. Alhoewel het toch een 100 € was had ik het gevoel dat ik ze diende mee te nemen en dat het absoluut de juiste waarde was voor deze prachtige schaal. Het kwam niet eens in mij op om te onderhandelen over de prijs. Het was de juiste. Maar dus, Bakthapur. In de namiddag liep ik er rond en kwam ik langs een winkeltje met lokale kunstwerken. Mijn aandacht werd er getrokken door een groot kunstwerk met 5 Boeddha’s, afgebeeld in de kleuren van de 5 elementen (volgens het boeddhisme): water, aarde, vuur, lucht en ether. In tegenstelling tot de verkoper van de klankschaal was dit een verkoper die niet bezig was met meer vrede in de wereld brengen, maar eerder zoveel mogelijk persoonlijk gewin nastreefde. Hij zag me dan ook als grote inkomst, een blanke toerist. Zijn eerste vraagprijs, € 600 was absurd en naar mijn aanvoelen niet de juiste prijs. Het werd een spannend spel van bieden en afbieden. Ik smeet er zelfs een leugentje tussen, dat ik bij deze ook de wereld in breng. Ik zei een student te zijn… Hoe dan ook, op een bepaald ogenblik vroeg hij wat mijn prijs was. Ik ging naar binnen en liet het getal van € 100 verschijnen. In tandem met het uiterlijke spel met de verkoper die er ondertussen zijn baas bijgehaald had, was ook mijn verstand lustig mee aan het kwetteren. Je gaat toch niet opnieuw zoveel geld uitgeven aan wat kunst. Wellicht is het dit niet eens waard enz. De verkoper stemde niet in met € 100, of zo bleek achteraf, deed alsof hij hiermee niet akkoord zou gaan. Ik had het gevoel dat ik bij mijn prijs diende te blijven en dat dit het juiste bedrag was voor dit werk. Ik besloot dan ook om verder te gaan. Ik verontschuldigde mij en onttrok me aan de energie van overreding die de verkoper op me gebruikte. Ik voelde werkelijk dit veld hangen en de onaangenaamheid ervan. Doch, ik stapte buiten en baande mijn weg verder tot de verkoper me terug binnen haalde. ‘Oké dan, € 100 it is’. Ik had een volgende aankoop gedaan. Alhoewel de verkoop rond was, was het innerlijke schouwspel voor mij nog niet achter de rug. Het kunstwerk voelde wel juist voor in mijn praktijk, toch twijfelde ik sterk verder over mijn financiële middelen, zeker omdat ik net voordat ik vertrok al een andere reis betaald had naar Ethiopië eind maart, met geld dat ik in de vorm zeker niet in overschot heb… Doch, het zal wel volgen zeker?

In Kathmandu aangekomen was het tijd voor de volgende gids te ontmoeten. De tweede gids was in vergelijking (voor zover dat ertoe doet), fysiek beter uitgerust voor een stevige trektocht, doch qua karakter was het contact minder vlot tussen ons. Jivan kwam over als een introverte, serieuze, ongemakkelijke en stille man die weinig in contact is met zijn gevoelswereld. Allé, zo kwam hij nu naar buiten, doch voelde ik ook zijn gevoelige ware aard, verscholen diep van binnen. Later in Jomsom kwam daar dan ook de porter bij, Kumar, een grote krachtige man met een guitige en vriendelijke uitstraling, doch ook wat in de knoop met zichzelf en amper Engels sprekend. De tweede fase voelde dus als nog meer alleen omdat ik nog minder contact kon maken in de vorm met beide. Ze gaven me een correcte begeleiding voor de praktische kant van de trektocht, doch voor het psychische deel was ik vooral op mezelf aangewezen. Ik nam het zoals het kwam. Alhoewel ik had ook wel anders gewild had voelde ik dat het juist was voor mijn diepere intentie van de reis, verdere bevrijding van mijn Ware Zelf. De vorige gids en porter waren juist voor toen, en beide mannen waren juist voor het verdere traject. De reis naar binnen was nog niet tot op de bodem gebeurt en hun grotere afstand maakte dat ik nog dieper met mezelf in contact kwam.

Voordat we werkelijk aan de trektocht konden beginnen diende we nog een dagje op de bus te zitten en een binnenvlucht te nemen naar het startpunt van onze tocht. Op de bus luisterde ik vooral muziek, afleiding zoekend van opnieuw een zware nacht. Het was me even genoeg, om in confrontatie te gaan met mijn donkerte. Gewoon muziek luisteren en rondkijken was voor nu wel genoeg. De dag erop vertrokken we dan heel vroeg om het vliegtuigje te nemen. Het was een bijzondere beleving waarin ik terug even dichter bij mezelf mocht zijn. De uitzonderlijkheid van de ervaring liet me toe het even ten volle te beleven. De eerste keer op een klein vliegtuig over en langs machtige 8000 toppers. Naar het schijnt zijn dergelijke vluchten in de bergen best ‘gevaarlijk’ in de zin dat wanneer het weer tegen zit een ongeluk toch gemakkelijker gebeurt. Vandaar ook dat het kan dat ze vluchten aflassen als het weer het niet toelaat. Onze vlucht ging door, maar tijdens de vlucht kreeg ik toch een voorproevertje van de gevaren die ermee verbonden waren. Het zicht was goed, doch turbulentie was er wel regelmatig en stevig voelbaar. Het vliegtuigje viel met momenten tussen de verschillende luchtlagen en schommelde vervaarlijk tussen de verschillende bergtoppen. Aanwezig in mezelf kon ik ook goed aanvoelen dat er veel angst was onder de mede passagiers. Zoals dit mij wel lukt wanneer ik aanwezig kan zijn in mezelf gaf ik liefde en licht waar ik voelde dat het nodig was. Hier en daar een glimlach en een veelbetekenende blik gebruikte ik voor mensen gerust te stellen. Het voelde prettig dit te mogen doen. Genietend van de ervaring en gevend, zoals het de mannelijke energie betaamt. Geland gaf ik spontaan een applausje voor de piloot en co-piloot, wat de mensen daar kennelijk niet gewend waren. Ik voelde me goed en was blij, blij ook met het aanzicht van de plaats waar ik toegekomen was. Het raampje in mijn donkere wolken liet me even de schoonheid zien en tranen van ontroering borrelde op in mijn ogen. Later mocht ik ook vernemen dat zulke vluchten echt niet vanzelfsprekend waren. Een kleine twee weken later stortte er namelijk een vliegtuig van dezelfde maatschappij neer, op het zelfde traject. Misschien was het zelfs het zelfde vliegtuig met dezelfde piloot. Al de inzittende, iets meer dan 20 personen overleden tijdens de crash tegen een bergrug. Het was die dag blijkbaar bewolkt en god weet waarom zijn ze toch uitgevlogen. Het deed met toch even slikken dit nieuws te horen…

 

Binnenvlucht

 

Hoe dan ook, die eerste dag van de trektocht bleef al bij al redelijk verdraagbaar innerlijk. Ook in het hotel die avond voelde ik nog de betovering van de plek en was de donkerte niet al te vaak aanwezig. Het aanzicht van het Himalaya, de grote bergmassieven rond me voelde zeer vertrouwd aan, alsof ik er al vaak was geweest, zelfs lang verbleven had eerder. Later die middag werd dat gevoel enkel versterkt wanneer ik spontaan een maaltijd uitkoos en deze bleek geïntroduceerd te zijn door een andere reiziger/trekker, Andreas genaamd. Ja, mijn aanwezigheid daar in de Himalaya voelde absoluut niet vreemd. Het Hotel van die dag was verder prachtig gelegen. Vanuit de eetruimte was het uitzicht adembenemend. Ook kon ik die namiddag en avond contact maken met andere reizigers. Een koppel dat de beklimming dat ik later die week zou doen had geprobeerd en omwille van hoogteziekte moest stoppen en terugkeren en een jonge kerel van Australië die een documentaire aan het maken was. Het ware aangename contacten met een zekere diepgang en het vulde de rest van de dag.

Naast de aanwezigheid van andere reizigers, en de schoonheid van de bergen, was er ook opnieuw vrouwelijk schoon aanwezig in het hotel. Een jonge lokale dame hielp er in de keuken en diende mee op. Na de vorige keer een getrouwde vrouw aangesproken te hebben bleef ik deze keer meer op afstand, enkel toekijkend. Doch, juist omdat ik me zo op afstand hield en geen contact durfde maken was het nog lastiger in de werkelijkheid te blijven. Het bleef nog meer een schouwspel van (seksuele) fantasieën in mijn hoofd en slechts lonken en toetsen of zij ook mij gezien had. Het was een spel van verstoppertje, opgeslorpt door een fata morgana en een verstand dat de illusie wilde wekken dat zij als persoon, als ziel er ook echt aan meedeed. Nadat we de ochtend erop afscheid hadden genomen van de plaats en mijn verstand wilde weten of ik deze keer ‘een kans had kunnen maken’, vroeg ik de gids of zij getrouwd was. Hij antwoordde hierop dat ze slechts 15 was en dus nog niet getrouwd. Ik verschoot. Alhoewel vrouwen daar kennelijk sneller rijp waren, zeker in dorpen, was 15 jaar toch wat jong voor mij. Na vooral de fantasieën gekoesterd te hebben wist nu ook mijn verstand de ingang te vinden voor de moordende zelfverwijten. Ja, nu was het wel echt duidelijk. Er is zeker iets mis met je. Viespeuk. Een jonge vrouw nog maar net haar stappen aan het zetten naar volwassenheid, komop. Ja, het proces met vrouwen was zeker nog niet afgelopen. Wanneer ik helemaal niet meer durfde contact maken met de ander en mezelf (want er is iets mis met mij in contact met vrouwen) was het innerlijke schouwspel enkel nog heftiger…

 

hotel

 

Enfin. Het was niet enkel kommer en kwel. Hier en daar lukte het me ook contact te maken met mijn wezen en mocht ik de diepte van het leven voelen. Geraakt door de aanblik van de Himalaya voelde ik mijn godsvonk terug even indalen. Ik voelde liefde en ontroering. Ontroering voor wat ik mocht beleven, liefde voor mijn kinderen (die er nog niet zijn, doch die ik wel kan voelen), liefde voor Karen, ook al was en is er niets meer in de vorm. Ja, Karen bleef ook aanwezig. Zeker wanneer ik terug contact kon maken met mezelf voelde ik de sterke verbinding met haar essentie. En hoe vreemd het ook mogen klinken, wanneer ik zo in contact ben met mezelf en die verbinding kan voelen, maakt me het ook niet zo dat we in de vorm geen contact meer hebben en dat ze zelfs voor een andere man had gekozen de voorbije maand. Alsof voor mij de energetische werkelijkheid van die verbinding te voelen dan genoeg is, alsof de energetische werkelijkheid, voorbij de vorm dan veel belangrijker is dan de uiterlijke werkelijkheid. Het lastige is vaak wel dat ik relatief alleen ben in deze werkelijkheid. Slechts weinigen begrijpen wat ik hiermee bedoel, Karen zoals ze nu naar buiten komt inclusief. En dit maakt ook dat ik enkel in dit vertrouwen geraak wanneer ik echt bij mezelf ben en andere hun mening er niet toe doet. De momenten dat ik echter niet volledig verankerd was in mezelf en mijn verstand de afwezigheid van mezelf invulde met een illusionele werkelijkheid was het enorm lastig om dit onverklaarbaar en onrijmbaar voelen van mijn verbinding met haar essentie, te rijmen met al het andere en zeker met de fantasieën rond andere vrouwen. Ja, wat was dan het echte?

Zo ging de reis door. De volgende dagen beenden we onze weg verder omhoog, geleidelijk boven de 3000 en later 4000 om me fysiek voor te bereiden op ‘de grote klim’ naar de Thorung la pass van 5400 meter, dewelke ik zou maken de 14de februari. De kleine dorpjes met meer authentieke uitstraling bevielen me qua gevoel veel meer dan de meer toeristisch gerichte grotere dorpen. Zo voelde ik speciaal teleurstelling bij het binnenkomen van Muktinath dat vroeger en nog steeds een pelgrimsoord was voor zowel Boeddhisten als Hindoeïsten. Slechte enkele dagen eerder las ik in mijn boek ‘De Meesters van het Verre Oosten’ een verwijzing naar de plaats Muktinath, maar toen ik er werkelijk kwam, voelde ik dat de magie die er vroeger wellicht geweest was nu bedolven was door een heel andere energie gericht op sensatie en geld. Het stemde me droef. Hoe dan ook voelde het wel bijzonder dat ik er net over las en dan er ook echt mocht toekomen in de vorm.

Maar laat ik verder gaan met de beklimming naar de Thorung la pass. Al van voor mijn reis droomde ik van een klim naar een noemenswaardige hoogte. Ik voelde dat dit deel diende te zijn van de reis. Ik wenste te voelen wat dit met mij en mijn lichaam zou doen, de hoogte. Het programma dat voor mij opgesteld was ging echter niet hoger dan een kleine 4000, in de tijd van het jaar zou hoger namelijk niet wenselijk zijn, zo vertelde ze mij. Het idee bleef me achtervolgen. Toen ik vernam dat de gids van Namo Boeddha niet verder met me ging naar het Mustang gebied, waagde ik mijn kans. Ik wilde graag weten of er aan mijn tocht verbonden geen mogelijkheid was om nog hoger te kunnen gaan. Met enige terughoudendheid en de uitdrukkelijke vraag niet te vermelden dat het idee van hem kwam stemde hij dan toch toe om zich te buigen over de plannen. In Bakthapur aangekomen zijn we dan ook een kaart gaan kopen en kwam hij naar voor met de mogelijkheid de klim naar de pass te maken. Zoals hij voorspeld had werd het idee echter niet jubelend onthaald door de reisorganisator en de volgende gids. Ze vonden het onverantwoord in deze tijd van het jaar en van deze kant van de pass. Blijkbaar wordt de pas normaal enkel als doortocht gebruikt en ook meestal van de andere kant naar Muktinath gedaan. Ons plan was om eerst de lange beklimming te maken en dan de afdaling aan dezelfde kant, wat veel uitdagender was dan de oversteek blijkbaar omdat de overnachtingplaats aan de andere kant veel dichterbij en hoger lag dan aan de kant van Muktinath.  Hoe dan ook, tot de dag voor de werkelijke beklimming bleef de klim onder voorbehoud van weer en hoogtewenning. Ook voelde het alsof ze stilletjes hoopte dat ik het niet meer zou willen doen in aanloop ervan.

Ik bleef volharden. En zo kwam de dag des oordeels, de 14de of Valentijn eraan. Het plan van de gids was om ‘s ochtends om half 5 op te staan en na het ontbijt meteen te vertrekken zodat we zeker genoeg tijd zouden hebben voor onverwachte moeilijkheden. De dag voor de grote beklimming stegen we nog verder tot de laatste overnachtingplaats voor de klim, op 4200 meter en bleven daar voor de nacht. Het was een plaats met slechts enkele guesthouses en niets meer dan dat. ‘s Nachts bleven enkel de mensen met gasten daar overnachten en dit maakte dat slechts wij 4 overbleven tegen de bergwand: gids, porter, gastvrouw en ik. Ondertussen enkele dagen verder dan het eerste hotel van de tocht was het ook opnieuw tijd om geconfronteerd te worden met het vrouwenstuk.

 

Overnachtingplaats

 

De namiddag en avond voorgaand aan de klim waren gemoedelijk en redelijk luchtig. De vrouw die de lodge uitbaatte maakte een heel krachtige en mature indruk. Anders dan dat jonge meisje zat er weinig frivools in haar energie. Het was een volwassen krachtige vrouw die sterk stond op zichzelf en weinig buiten haar zocht energetisch. Een bijzonder moment beleefde ik wanneer ik boven in de eetzaal zat, op mezelf, contemplerend over de komende uitdaging. In stilte kwam ze naar boven en zette zich aan het weefgetouw dat naast de tafel stond. In stilte zaten we daar beide bezig met ons creatief werk. Ik voelde echter wel sterk haar energetische aanwezigheid. Op dat ogenblik was ik ook dicht bij mezelf en mijn gevoelswereld. Ik voelde naast haar fysieke aanwezigheid ook haar krachtige en diepe aanwezigheid als ziel en voelde de ontroering van dit moment. Ik voelde me gesteund en ontvangen in mijn gevoelens, zoals alleen de vrouwelijke energie dat kan. In stilte, daar voor het raam zittend drupte de tranen zachtjes op de grond. Het was een werkelijke ontmoeting tussen de essentie van onze wezens, doch in de vorm zou het weinig zichtbaar zijn geweest voor het blote oog.

Wordt vervolgd.

 

Lees ook: Nepal: het verhaal en de beleving, deel 2

3 Comments

  1. Ik wordt er stil van. Je laat je kennen en dat is al bijzonder.
    Ik lee zeker verder.

  2. Andreas, ik ben nog niet tot op het einde van het verhaal geraakt. Waarschijnlijk omdat het best een zware brok tekst is. Daarom lees ik het liever in schijfjes. Ik heb alvast erg veel bewondering voor de open en eerlijke manier waarop je tekst geeft aan je innerlijke reis en ook de donkere wolken die daarbij kunnen opduiken. Ik herken hier erg veel in. Fysieke reizen zoals je die maakt naar een bepaald land versterken vaak je innerlijke pad.

  3. Prachtig om te lezen over jouw bijzondere reis. Alles op de juiste tijd en plaats. Iedere ontmoeting waardevol voor nieuwe stappen. Ik ben benieuwd naar het vervolg. Het is mijn wens om ooit ook naar Nepal te gaan. Dus het is leuk om het land alvast via jouw ogen te zien.

Laat een berichtje na de 'biep'.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox

Join other followers: