Nepal: het verhaal en de beleving, deel 2

Posted by on Mar 14, 2016 in Bewustzijn, Nepal, Over Mezelf | 4 comments

Dit is het tweede deel, lees eerst: De reis voorbij de mooie plaatjes, deel 1

Het voelt heel erg vreemd om een verhaal in twee delen te schrijven. Alsof het niet meer hetzelfde verhaal is nu. En, er komen zo ook nog andere angsten boven drijven. Mijn broer verwoordde er eentje van. Volgens hem was het in twee delen schrijven een soort van reclamestunt om mensen in spanning te houden. Wel, deed ik het daarvoor? Voor mij voelde het niet zo. In zekere zin maakte het, het zelfs lastiger voor mij. Ik diende opnieuw de moed te vinden om me eraan te zetten. De toon was gezet, de eerste reacties hadden mij bereikt. Zou ik opnieuw kunnen beginnen vanuit het niets, om te laten opborrelen wat nog naar buiten wilde, zonder me iets aan te trekken van externe of interne verwachtingen? De tweede helft van het verhaal toont zichzelf ook in een heel andere energie. De meest lastigste momenten dienen nog beschreven te worden, maar ook de allermooiste, naast de tattoo dan. 😉

Ondertussen zijn we een week verder in België en gaat het leven opnieuw zijn gangetje, allé het is te zeggen. Ik merk dat ik mezelf toch wat bezig houdt. Ik concentreer me nu vooral op geld verdienen en de lege momenten zoek ik vooral afleiding, zeker in de week. Zo is het ‘vaste’ programma ‘s avonds, als ik niemand zie, een Bollywood film kijken. 🙂 Het doet me deugd en zo vind ik een manier om het stuk dat zich sterk verbonden voelt met de Indische (en Nepalese) cultuur en religie, een plaats te geven. Ik vind het zelf best wel grappig, maar wanneer er blanken in de film voorkomen zie ik ze evengoed als ‘roxy china (niet van hier)’, alsof ik zelf een Indiër zou zijn. Achja, ‘dichterbij’ dan dat zal ik in de vorm wellicht ook niet kunnen komen. Het Hindoeïsme is namelijk niet echt toegankelijk voor blanken, je blijft steeds een buitenstaander. Je mag niet eens binnen in de meeste tempels.

Enfin. Ik hou me dus bezig. De reis was intens genoeg, een beetje ‘rust’ vinden binnen het tumult in mag wel. De volgende reis naar Ethiopië binnen een goede twee weken zal ook wel een stevige ervaring worden, al gaat het wel iets volledig anders zijn.

Ik maak binnen de staat van ‘comfortable numbness’ een opening om de diepte van de reis te laten opborrelen en zodoende te beschrijven. Ik geloof namelijk dat zoals een acteur werkelijk zijn rol dient te belichamen, je tevens niet kunt schrijven zonder echt in het gevoel te gaan. Een oppervlakkig vertellen over, is geheel anders dan werkelijk in het gevoel zijn en dat in woorden laten naar buiten komen. Daar gaan we dan.

We waren aangekomen aan de grote klim. Na de bijzondere ontmoeting zonder woorden, was de rest van de avond best luchtig. Het lukte me om plezier te maken samen met Kumar. Het ging er onnozel aan toe en na een tijdje was het minste geluidje van hem al genoeg voor een schaterlach van mijn kant. Kumar kon ook zo’n guitige bekken trekken! Met een ‘jong’ stemmetje las hij het menu van de guesthouse voor. Zelfs in afwachting van het volgende Nepalese woord, lag ik al dubbel van het lachen. Ik voelde me als een kindje dat op een natuurlijke manier het lachen wist te benutten als kanaal om de spanning af te drijven.

Het bleek diezelfde avond nog dat ik de vrouw die zo matuur en wijs voorkwam, opnieuw onjuist had ingeschat qua leeftijd. Ze was zelfs jonger dan mij, al was het maar een jaartje. Ter mijn verdediging, de intense zon daar in de bergen had al voor enkele rimpels gezorgd, en het moest ongetwijfeld een oude en wijze ziel zijn geweest. 😉

De beklimming begon geleidelijk vanaf het moment dat ik de keuken verliet. Nu het lachen er niet meer was om de stress te verminderen, uitte hij zich in gedachten en angsten. Ja, ik was echt nerveus voor de klim en de hoogte. Het leek ook alsof de klim niet enkel een fysieke uitdaging zou zijn, of was. Psychisch diende er zich in alle hevigheid ook heel wat aan.

Ik kon de slaap niet vatten. Ik bleef maar draaien en keren. De innerlijke onrust was ondertussen zeer groot geworden en het was voor mij niet steeds meer mogelijk om het onderscheid te maken tussen realiteit en waan. Zo diende zich tussen de gekende thema’s ook heel wat doodsangsten aan. Door al het piekeren en de lastige emoties had ik ondertussen ook hoofdpijn gekregen, of zo zie ik het nu toch. Op dat ogenblik leek het voor mij alsof ik last begon te krijgen van de hoogte. Daarenboven was ik zeer dorstig en was ondertussen mijn drinkwater op geraakt. De vorige gids had mij gewaarschuwd zeker voldoende te drinken op hoogte en ik begon me zorgen te maken dat ik veel te weinig gedronken had en aan het uitdrogen was. Aangezien het onderscheid tussen realiteit en waan zoek was geraakt begon die gedachte zich om te zetten in een grote onhandelbare angst. Hoe meer ik erin geraakte hoe meer dorst ik kreeg en hoe sterker de hoofdpijn werd. Ik begon echt angstig te worden voor mijn leven. Tegen 2 a 3u ‘s nachts kon ik het niet meer uithouden. Ik verliet mijn kamer op zoek naar (drinkbaar) water. De gastvrouw had echter uit voorzorg alle deuren afgesloten. Ik geraakte nog wel buiten, maar water kon ik daar niet vinden. De keuken en het winkeltje waren toe. Ik kon er uit lichte wanhoop niets anders op vinden dan mijn gids wakker te maken. Na enkele keren kloppen deed hij licht geïrriteerd en vooral ook niet begrijpend open en overhandigde mij zijn laatste water. De deur was veel sneller terug dicht dan open… Na zijn water soldaat gemaakt te hebben kroop ik opnieuw in bed en kon eindelijk de slaap vinden, voor de laatste twee uurtjes dan toch.

Half vijf ‘s ochtends ging de wekker af. De gastvrouw was zo vriendelijk geweest mee op te staan om ons een simpel ontbijt te maken. Enkel Chieven en ik zouden de beklimming ondernemen. Kumar bleef beneden. Chieven wilde vroeg vertrekken om voldoende tijd te hebben om moeilijkheden de kop te bieden. Tegen 5u zouden we dus de deur uitgaan.

Het was ijskoud zo hoog in de bergen (4200m) in de pikkedonker. Voor de gelegenheid had ik alle laagjes kleren aangedaan die ik kon combineren. Extra, of dikkere handschoenen had ik echter niet bij, en ook dikkere sokken had ik niet. Na even wandelen begon de koude pas echt voelbaar te worden. De handschoenen voldeden langs geen kanten en ook mijn aangezicht was ijskoud. Mijn adem vormde ijskristallen op de kraag van mijn jas. De wandelstokken bleken een onbruikbare last te zijn, zelfs zonder stokken kon ik mijn handen al amper voelen. Na een tijdje werd het zelfs zo erg dat ik er niet anders op wist dan mijn handschoenen uit te doen en mijn handen tegen mijn lichaam te houden. Eén langs de voorkant en eentje langs de achterkant. Om de zoveel tijd wisselde ik ze dan om.

Halt houden konden we slechts kortstondig. Te lang zou ons in onderkoeling brengen. Snel genoeg om ons warm te houden, doch traag genoeg om het vol te houden, baanden we onszelf een weg naar boven, met slechts één pillamp. Ik wandelde achter de gids aan, blij dat ik zelf het tempo niet diende te bepalen. De koude deed pijn en de slapeloosheid was voelbaar. Ook mijn hoofd draaide overtoeren. Stap voor stap, trachtte ik opnieuw een uitweg te vinden uit mijn hoofd. Het lukte amper. De klim duurde lang en het eerste uur en half waren in de complete donker. Toen het dan eindelijk licht begon te worden duurde het nog een tijdje voor ook echt de zon zich toonde aan de zijde van de berg die wij beklommen. Bijna boven, ongeveer 3u na vertrek was het lijden echt ondraaglijk geworden. Op een ongecontroleerd moment begon ik te wenen. Het leed vond een uitweg. Chieven wist niet hoe hij ermee om moest. Als man had hij kennelijk nog weinig in contact gekomen met emoties, laat staan zijn eigen. Hij deed het af als een fysiek symptoom en zijn ongemakkelijkheid was sterk voelbaar. Al snel nam mijn hoofd de controle terug over en werden de emoties opnieuw onderdrukt. ‘Hop, verder jij.’

Toen we dan uiteindelijk aankwamen aan de pass ging ik even zitten en opnieuw kwamen de emoties opzetten. Even lukte het me ze vrij te laten, maar het lukte me niet lang. De vreemde blikken die ik kreeg van de omstaanders nam ik persoonlijk. Een robuuste ‘typische’ Amerikaan met zijn gids keken even ongemakkelijk als Chieven dat eerder had gedaan. Daar helemaal alleen tussen drie andere mannen zat ik met mijn onverklaarbaar verdriet. Hun reactie, of de afwezigheid van het begrip, zorgde voor een extra pieker ‘aanmoediging’. Nu voelde ik me naast miserabel ook ontzettend eenzaam, anders en onbegrepen. Mezelf hierin koesteren lukte me niet. Chieven liet op een onbeholpen manier weten dat de hoogte wellicht inwerkte op mij en dat hij snel opnieuw naar beneden wenste te gaan. In de plaats van even aanwezig te zijn bij mijn leed wilde hij er het liefst van weg. Ach, wat kan ik hem kwalijk nemen. Ik deed hetzelfde met mezelf…

Mijn ritueel dat ik bedacht had om de mensen thuis te gedenken en een plaatsje in de bergen te geven, deed ik dan maar in versneld tempo. Ik hing een 5-tal slingers gebedsvlagjes en verbond ze intentioneel met de mensen waarvan ik op voorhand had besloten ze een plekje te geven daar boven op de pass. Het was die dag trouwens Valentijn. Op zich nog wel gepast om te denken aan de mensen die me dierbaar zijn. Ook verbond ik de kleinere vlagjes die ik als souvenir zou meenemen intentioneel en energetisch met deze grotere vlagjes. Tijdens deze bezigheden voelde ik een zekere sereniteit, al twijfelde ik ook of ik het wel ‘juist’ deed, voor zover dit bestaat voor zo’n rituelen. 🙂

 

Thorung la pass

 

De weg naar beneden voelde ik hoe mijn lichaam nu op een andere manier belast werd. De koude, de vermoeidheid en de innerlijke strijd eisten hun tol en geleidelijk aan voelde ik mijn lichaam zwakker worden en een koorts creëren. Ondertussen was er wel zon, en afdalen gaat vanzelfsprekend veel sneller, maar ik voelde me wel wankel en ijl. Het wilde niet meer vlotten. Om de zoveel tijd had ik even nodig om te kunnen zitten en rusten. Ik voelde me zowel fysiek als psychisch helemaal op. Het was genoeg geweest. Aangekomen in de herberg wilde het ontvangst weten hoe het geweest was. Ik wilde gewoon weg… Ik liet de uitleg over aan Chieven en verontschuldigde me. Terug naar bed, weg van alles. Even rebooten. Hopelijk helpt dit de hard- en software defecten.

Twee uur later kwam Chieven mij wekken om de verdere afdaling te maken opnieuw naar Muktinath voor de nacht. Nog een kleine 400m verder afdalen zou wel lukken. De slaap had geholpen, maar de koorts en zwakte was er nog wel. Ook had ik geen energie om contact te maken met mijn begeleiding of afscheid te nemen van de bijzondere vrouw. Het was dan maar zo. Een soort van gevoelloosheid had zich geïnstalleerd als ‘safe-mode’, zoals dit ook bij een computer werkt. Het internet en dergelijke was uitgeschakeld.

Aangekomen in Muktinath legde ik me opnieuw neer en ruste ik de rest van de dag op een bank in het zonnetje. Het was duidelijk nodig. Geleidelijk aan begon er terug wat rust te komen en begon ik de verbinding met mezelf terug te voelen. Ook mocht ik in de loop van de late namiddag en avond wat nabijheid voelen van beide kompanen. Chieven kwam me in de living vergezellen en beide sliepen we daar op een bank in het zonnetje, in de stilte in elkanders buurt. Kumar kwam later op de avond zijn genegenheid tonen op een zachte en zorgzame manier. Met zijn sterk gebroken Engels nodigde hij me uit verder in mijn bed te gaan rusten toen het te koud begon te worden in de living. Hij nam mijn spullen mee, maakte het bed op en zorgde ervoor dat alles in orde was om te gaan slapen. Ik voelde de liefde door deze handelingen door en het raakte me. Het was een prachtig geschenk voor het slapengaan.

De twee dagen erop volgend waren relatief rustig. Na Muktinath daalde we opnieuw af naar Jomsom en dan verder door. De koorts was opnieuw weg, en het wandelen lukte weer, al was het lichaam nog niet geheel in de plooi. Zowel fysiek als psychisch kreeg ik wat tijd om bij te komen en op te laden. Ik mocht soms zelfs genieten van een gevoel van ‘flow’ tijdens het wandelen. De kilometers rolde vanzelf. Alhoewel we beide dagen een behoorlijke afstand aflegde verliep dit zonder veel moeilijkheden. Het was oké, zonder meer. Niets bijzonders. Een welgekomen adempauze.

En dan was het tijd voor de volgende uitdaging, dewelke zich opnieuw aandiende in de vorm van een pittige beklimming. Vanuit het dal zouden we helemaal opstijgen om een gletsjer van nabij te bekijken. De voorbereiding ernaar toe verliep gelijkend. Opnieuw werd de klim vooraf gegaan door een ‘dramatische’ nacht. Het duurde opnieuw uren voor ik de slaap kon vatten. De uren dat ik daar lag ging ik opnieuw door bergen twijfel en leed. Ik wist het niet meer. Alles liep door elkaar. Wat was echt, wat wilde ik, wat voelde ik, waar ging dit toch allemaal naartoe? Ik vond mijn troost bij Boeddha die na jaren zoeken er niet beter op wist dan zich er gewoon bij neer te zetten onder een boom en gewoon aanwezig te zijn bij alles dat zich aandiende. Zo bereikte hij de verlichting. Op een bepaald moment kwam het besef tot hem dat al die gedachten niets over hem vertelde, maar dat diep vanbinnen alles altijd in orde was geweest en er nooit werkelijk een probleem bestond, elders dan in de Mind. Is dit wat ik aan het doen ben? Gewoon verder durven aanwezig zijn bij alles dat zich aandient in mij, beseffende dat het toch allemaal ‘onwaar’ is en niets werkelijk met mij kan doen?

Ook de klim van de dag erop was opnieuw stevig werken. Na 4u klimmen kwamen we dan uiteindelijk boven aan, fysiek uitgeput, doch het grootste leed bleef van de Mind komen, waar ik ondertussen toch echt genoeg van aan het krijgen was. Al dat gezever dat me afhield van het werkelijk beleven. Fysiek moe zijn, dat is op zich geen probleem, doch die Mind… Het zicht was adembenemend, maar ik zat maar in mijn hoofd. En, het feit dat ik er niet van genoot, was nog eens een reden te meer om mezelf op de kop te zitten. Ik had wel min of meer door dat al dat lijden van eigen makelij was, en toch lukte het me niet om geen extra bij te maken. Alsof ik mezelf niet anders kon gunnen. Ook voelde ik me eenzaam. Deze keer was Kumar wel mee voor de klim. Omdat ik zo afgesloten was, waren beide mannen vooral met elkaar bezig. Dit feit confronteerde me enkel nog meer en maakte het gevoel van eenzaamheid nog groter.  Ja, de molen bleef verhoed verder draaien.

 

Icefall

 

In de namiddag ging ik nog even verder met piekeren, totdat ik op een gegeven moment eruit wist te stappen. Ik nam een douche en zette me neer met mijn haakwerk en de luisterfragmenten van Eckhart Tolle. Drank en drugs had ik ondertussen afgezworen als verdovingsmiddelen, doch wat afleiding vinden bij Eckhart Tolle dat gunde ik mezelf nog wel. Geleidelijk aan, met de hulp van zijn innerlijke rust en wijsheid kwam ik ook opnieuw meer tot mezelf. Ik haakte lustig verder aan mijn hartjes tot de avond viel. Het was oké zo.

De dagen nadien mocht ik geleidelijk wat meer gaan genieten van het wandelen en de omgeving. Ook kwam ik meer situaties tegen waarin ik mijn kwaliteiten kon gaan benutten. Zo mocht ik Chieven begeleiden in een proces en bewustwording en kreeg ik wat inkijk in zijn ware binnenkant. Er waren zelfs wat emoties die ik mocht benoemen. En ook bij Kumar kreeg ik te zien dat er wat dingen leefde waar hij mee bezig was. De nachten werden rustiger en ik kreeg ingevingen over wat ik terug in België, verder neer wenste te zetten voor mezelf, de praktijk Lamasa en BE-ART. Ik schreef ze allen neer voor later.

Fase twee van de tocht was bijna afgerond en zo ook wordt het tijd voor een pauze in het schrijven. Nog enkele laatste fragmentjes als duiding en dan maken we geleidelijk een energetische shift. 🙂

In Tatopani ergens meer naar het einde ontmoette ik een bont gezelschap van mede trekkers, tevens op zoek naar zichzelf. Het was een aangename ontmoeting met hier en daar gesprekken die meer naar de essentie van de dingen gingen, doch ik voelde ook wel hoe het voor mij oké was om verder mijn toch alleen te gaan en me er niet bij aan te sluiten. Het fervent gebruik van drank en drugs was onder meer een van de redenen die me dit deed besluiten. Ik koos voor een andere tocht. Het was tevens een kans om de voor- en nadelen te voelen en maakte dat ik de juistheid van mijn keuze om ‘alleen’ te reizen deze keer nog meer kon appreciëren.

Nog een laatste klim en afdaling in de daarop volgende dagen en de trektocht was afgelopen. De laatste klim van nog eens 1600m ging deze keer vlotjes. Het lichaam was ondertussen nog beter aangepast en liet mij zijn mogelijkheden voelen. Als een berggeitje liep ik voorop met muziek in de oren. De tocht eindigde relatief rustig. Ik zocht geen extra uitdaging meer, ik nam het meer zoals het kwam.

En dan nu echt even een pauze. Ik merk dat ik zelfs tijdens het schrijven de aanwezigheid van die donkere onmacht en onrust wolk voel hangen waar ik toen zo vaak en diep in ben geweest. Doorheen die wolk is en blijft het lastig om de realiteit zuiver te beschouwen en ook om mezelf te voelen. Ik merk dat mijn spontane reactie nog steeds is om er iets mee te proberen doen, anders denken, anders handelen of wat dan ook. Terwijl wat er dan eigenlijk ontbreekt enkel en alleen mijn eigen aanwezigheid is. Even ertussen uit dus, of beter gezegd, even erbij blijven? Hoe laat iets dat de vorm voorbij gaat zich beschrijven in woorden, in de vorm? 🙂

– Intermission –

Icefall op afstand

Groene landerijen

Viewpoint

 

En dan, wat ik de laatste tijd meer en meer mag beleven is een soort van – doorbraak – in die, door die, gedachtenwolk. Zonder werkelijk helemaal verstandelijk te begrijpen hoe of wat, is er iets dat verder gaat, iets dat er altijd is, doch dat gewoon soms verstopt raakt, overschaduwt raakt. Ik merk dat ik het nog pril aan het ontdekken ben en dat mijn vertrouwen nog aan het groeien is, toch ik kom er vroeg of laat wel elke keer terug in. Hoe donker het ook mag lijken, ik weet dat het niet meer is dan een donkere wolk die ‘het ware’, de ware toedracht van wat is, overschaduwt en aan het (innerlijke) oog onttrekt. Zo ook mocht een van de mooiste ervaringen van de reis ontstaan uit het schijnbare niets, compleet onverwacht. Ik had wel een vaag weten dat er voor die dag een potentie aanwezig was voor iets, doch invullen kon ik het niet echt.

De dag na de trektocht had ik een vrije dag in Pokhara, op mezelf. Ik wist niet echt wat ik ermee wilde gaan doen, maar merkte dat ik geneigd was een motor te gaan huren en wat rond te rijden. Naar waar was me ook niet geheel duidelijk, maar ik volgende de ingevingen. Ik huurde de motor voor een volledige dag en begon wat rond te rijden. Er was een plaats ergens op een heuvel nabij Pokhara waar ik naartoe wilde gaan, doch in de ochtend was dat niet het eerste wat ik deed. Ik reed eerst wat rond, schijnbaar doelloos. Gewoon een tijdje heen en dan terug, totdat het dan tijd voelde om naar die heuvel te gaan, Sarangkot als ik me goed herinner. Het was een plaats van waar je kon uitkijken over de stad en, je aan paragliding kon doen. Ik reed naar boven en keek er een tijdje naar de paragliders die er in het wolkendek verdwenen. Ja, een goed zicht was er die dag niet echt. Wel reed ik nog even naar de viewpoint, en hing er wat doelloos rond. Na gegeten te hebben voelde het als tijd om terug naar beneden te rijden. Onderweg naar beneden kwam een schijnbaar gewone gedachte op: ‘zou het niet fijn zijn om iemand achterop te nemen?’ En wat later zag ik een vrouw alleen al wandelend de weg volgen. Zonder veel getwijfel volgde ik de spontane beweging, stopte langs zij en nodigde haar uit om me te vergezellen. Even was er een aarzeling, en dan kwam de beweging ‘why not’.

We waren vertrokken. Ik vond het onvoorstelbaar. Ik had ineens een vrouw achterop en het voelde fijn. Ze was enthousiast en uitgelaten en leek wel van de ervaring te genieten. Niet veel later bleek echter dat ze eigenlijk helemaal niet naar beneden moest. Ze had evengoed als mij gewoon haar gevoel gevolgd en zonder al te veel denken erop in gegaan. De volgende ingeving kwam van haar. ‘You wanne get a coffee?’ En daar gingen we. Ergens onderweg stopte we aan een plekje dat ze van op afstand gezien had. We gingen er binnen langs het achterpoortje en zette ons neer. We waren er helemaal alleen, in een zee van rust. Al sprekend viel ik van de ene verrassing in de andere. Onze verhalen en instelling kwamen zo ontzettend overeen. Hoe is het mogelijk dat twee reizigers van de andere kant van de wereld elkaar zo tegenkomen? Zij was van Bangladesh, 25j en voor enkele dagen alleen op vakantie na een breuk met haar ex-vriend die 16j ouder was en iemand anders had ontmoet. Ook zij schreef, zoals ik, over haar ervaringen. Anders dan bij mij was zij echter wel zwanger geraakt van hem en had ze op aandringen van hem tevens een abortus moeten ondergaan… Ik heb het gevoel dat ik dit kan zeggen omdat ze er zelf ook over geschreven heeft online. Het was een ontzettend ingrijpende periode in haar leven geweest en haar reis maakte ze tevens met de intentie om even tijd te maken voor zichzelf en om angsten te overwinnen. Zo had ze nog nooit echt alleen gereisd, laat staan alleen geweest ergens. En meegaan met een onbekende man op de motor kon alleszins ook tellen als een overwinning op zichzelf. 😉

Na daar een uur of twee, misschien langer, gezeten en gepraat te hebben werd het tijd voor beweging. Maar wat dan? De ontmoeting voelde fijn en reeds afscheid nemen voelde niet juist. Haar hotel bleek gewoon op de top van de heuvel, waar ik haar had opgepikt, maar dat maakte niet. Wat was de volgende bestemming? We besloten samen terug te rijden naar Pokhara en we zouden dan wel verder zien.

Zo nu en dan, zeker op de momenten dat er een beslissing diende genomen te worden en wanneer het stil werd tussen ons, begon mijn verstand zich te moeien in de zaak, met de gebruikelijke thema’s in contact met vrouwen. Ik was al onvoorstelbaar verder durven gaan in het volgen van mijn gevoel, dan ik in lange tijd was gegaan met vrouwen. Soms wist ik het ook even echt niet. Wat ben ik aan het doen, wat is dit, waar gaat het naartoe enz. Toch lukte het meestal ook wel om opnieuw in het moment te komen en niet te veel aandacht te geven aan de angstgedachten.

Na samen het avondeten genomen te hebben begon er zich een nieuw gevoel aan te dienen waar ik in eerste instantie behoorlijk van schrok. Hoe kon ik dat nu rijmen met mezelf? Ik voelde dat ik het idee prettig vond om samen de nacht door te brengen. Ria diende de ochtend erop opnieuw naar Kathmandu te gaan om haar vliegtuig te halen, en zouden we elkaar ooit nog terugzien dan? Hoe dan ook, het duurde nog wel een poosje voor ik dat gevoel ook echt durfde te uiten. De wandeling terug van het restaurant was ik stil en in mezelf gekeerd. Ik zat in mijn hoofd en had me afgesloten. Zoiets kan je toch niet verlangen?… En dan, al was het aarzelend en met veel getreuzel durfde ik het toch uit te spreken. Ik durfde mijn gevoel te verwoorden en stapte hierbij opnieuw in het leven, uit de wolk. Het idee werd door Ria niet afgeschoten, ze kon zich er zelfs in vinden. Al diende we wel af te stemmen om te zien of het gevoel overeenkwam. Zij wilde weten of ik gewoon op zoek was naar seks en zei ook dat dit niet aan de orde was voor haar, tevens na haar ingrepen enz. Voor mij voelde dat evengoed niet aan de orde. Het voelde gewoon als een fijne verderzetting van de tijd samen, zonder dat ik ook echt wist hoe de invulling zou zijn. Ik genoot gewoon van de nabijheid en was haar eigenlijk al echt gaan appreciëren voor wie ze was.

Na nog wat getreuzel en geaarzel vertrokken we dan samen met een taxi om haar bagage te gaan halen in haar hotel. Ik wilde eerst achterblijven (en een beetje wegvluchten), maar ging uiteindelijk toch mee. Eerst onderhandelde ze alleen over de prijs en dan kwam ik mee in het verhaal. Blijkbaar was ik voor de rit door haar gepromoveerd tot haar verloofde, mede voor een gunstige prijs te krijgen ofzo. Naar mijn mening was dat verloofde stuk niet bepaald nodig, maar het was wel grappig en voelde onschuldig. Daar samen op de achterbank was in zekere zin het meest intieme dat we zouden zijn samen. Hier en daar vonden de handen elkaar eens, meestal  zaten we gewoon naast elkaar. Ria vertelde over haar belevingen en overwinningen op haar angsten. Zo wilde ze me ook graag een kleine rondleiding geven in het grotendeels lege hotel. Ik kon me wel voorstellen dat het best eng zou zijn als vrouw alleen daar, met momenten in pikkedonker door de elektriciteitsproblemen in Nepal.

Aangekomen in mijn hotel ging zij nog wat werk verrichten voor haar baas, ja zelfs tijdens haar korte vakantie, maar dat bleek ‘normaal’ voor haar en in zekere zin ook in Bangladesh. Zij op haar bed, ik op het andere, hielden we ons afzonderlijk bezig, doch voelde ik ook wel de verbinding. Het voelde fijn daar zo samen te zijn, zonder meer. Wanneer zij dan een douche ging nemen vroeg ze mij om haar opiniestuk over haar beleving met de abortus en het verlies van haar kind te lezen dat ze geschreven had voor de website van een grote krant in Bangladesh. Het raakte me, het raakte me diep. Al was het misschien niet in het meest vlekkeloze Engels, ik voelde er zoveel gevoel in. Ik kon werkelijk gewoon meevoelen. Het ontroerde me zo’n begaafde en tevens krachtige vrouw ontmoet te mogen hebben en, zo nabij te mogen zijn. Ze gaf me werkelijk veel vertrouwen. In haar nachtjapon kwam ze uit de douche, niet al te veel verhullend, en toch was het ‘oké’. Er werd niets mee bedoelt, er zat geen verleiding in. Ze durfde zich zo aan mij te tonen en in mijn buurt te zijn, zonder meer.

Later op de avond begon de vermoeidheid toe te slaan. Het was tijd om de nacht in te gaan. Zij in haar bed, ik in het mijne. De laatste stap in het proces voor mij diende zich aan. Ik voelde dat ik haar nabij kon zijn en gewoon mijn nabijheid geven zonder bijbedoelingen. Ik voelde dat ik opnieuw die angst diende te overwinnen om mezelf kenbaar te maken in wat ik voelde. Ze stemde in, doch ik voelde aan haar lichaam dat ze het niet werkelijk kon toelaten. Ik was blij dat ze dit ook zelf kon voelen en verwoorden. Ze kon teruggeven dat het voor haar niet veilig voelde om aangeraakt te worden en dat ze liever zo ging slapen. Voor mij was het ook ‘oké’. Ik kon voelen dat ik niets van haar wilde. Ik voelde liefde voor haar en kon dit uitdrukken in liefdevolle aanraking of omhelzing, maar het was ook perfect oké om dit niet te doen, haar grenzen respecterend. Ik merkte dat wanneer ik durfde serieus nemen wat ik voelde en dit ook communiceren, er geen ruimte was voor negatieve gedachten of vreemde fantasieën. Ik was gewoon aanwezig in mezelf, in het moment en in werkelijk contact met haar. We vielen beide inslaap in ons eigen bed, moe van de dag.

‘s Ochtends vroeg, nog in de donker vergezelde ik haar naar de taxi die haar naar de bus plaats zou brengen. Ik voelde een diepe rust. Het was ‘oké’ het was prachtig geweest en nu zat het er opnieuw op. Het was tijd voor het afscheid. Het was een afscheid zonder veel gedoe. Gewoon afscheid, kort en krachtig en hop we gingen weer beide onze weg. Ik opnieuw naar mijn bed en zij naar de luchthaven. Later in de ochtend kwamen ze mij halen om naar een nieuwe plek te gaan, doch enkele uren slaap kon ik nog wel hebben.

Aan het ontbijt kwam de diepte en de schoonheid van het voorbije contact nog verder tot mij. In stilte rolde de tranen uit mijn ogen in diepe ontroering voor het leven. Hoe kan je bij zo’n ontmoetingen spreken van toeval? 5 min vroeger of later en ik had haar gemist. Wat als ik mijn ingeving niet gevolgd had, wat als mijn programma anders was, etc. Zoveel factoren die juist zo uitdraaide dat de ontmoeting kon plaatsvinden en dan diende we nog beide ons gevoel te volgen om op de juiste plaats op het juiste moment te belanden. Bij zo’n ontmoetingen kan ik niet anders dan het woord ‘God’ in de mond te nemen. Het kan voor mij niet anders of ook langs de andere kant van de sluier werd er heel wat ingezet om dit mogelijk te maken. Ja ook dit besef ontroerde me diep. Toen later Kumar de gids bleek te zijn voor de verdere dagen op de ‘mystery place’ kwamen opnieuw de tranen uit mijn ogen. Ik had me ook tijdens de trektocht het meeste verbonden gevoeld met Kumar en was blij dat hij daar terug stond. Anders dan Chieven liet hij het gewoon zijn, ook al begreep hij het niet meteen. Later op de dag vroeg hij er nog eens achter, maar het was oké.

Enfin. En dan wordt het naar mijn gevoel opnieuw tijd voor een pauze en een metabeschouwing. Ik voel dat het mij opnieuw gelukt is om door de wolk heen te gaan en de heel andere energie van het volgende stuk neer te schrijven. Ik voel me nu ook heel anders dan na het vorige stuk. Ik voel me in contact met mezelf en in rust. Ik voel ook opnieuw die innerlijke beroering, de dankbaarheid voor de synchronisiteiten die ervoor zorgde dat de ontmoeting mocht plaatsvinden zoals die plaatsvond. Iets anders dat ik nog graag teruggeef en me ook een dankbaar gevoel geeft is het feit dat ik het eerste stuk vorige week zondag bij mijn vader heb geschreven en nu het tweede stuk schreef en aan het schrijven ben in het nieuwe appartement van mijn moeder, waar ze sinds kort op zichzelf woont. Het voelt bijzonder. Terugkijkend op de vele beproevingen die ik kreeg met beide ouders en de periodes dat ik weinig of geen contact had afzonder met een van de twee. Het is nog maar sinds kort dat ik zonder al te veel innerlijke onrust met beide in contact kan zijn. Het is gewoon oké ondertussen. Ik kan me vrij bewegen en hun dingen bij hun laten. Ik kan mezelf zijn in contact met beide ouders, wat een geschenk! Een beloning voor al het innerlijke werk van de voorbije jaren! 😉

– Intermission –

Motor

Paragliding

Fishtail lodge

 

De aftrap was gegeven voor de derde fase, de fase van de reis die verder zou uitlopen naar mijn leven toe. Was ik verder bereid mijn gevoel te volgen en door mijn angsten te gaan, wat mijn verstand er ook van maakte. Was ik bereid om mezelf te zijn, wat dan ook? Het leek erop dat al het voorgaande van diepe onrust en oude troep nodig was om geleidelijk verder de kanteling te kunnen maken naar nog vaker en nog meer mezelf zijn, ook in de thema’s die me nog het meeste onrust bezorgde.

Kumar nam me mee naar de plaats die voorheen voor mij verborgen was gehouden in mijn programma. Het zou een plaats van rust zijn op een ‘mysterieuze locatie’. Na een taxirit van een uurtje vanuit Pokhara en een uur wandelen kwamen we dan op de locatie aan. Het was een mooie guesthouse gelegen op een bergkam die zich tussen twee grote meren bevond. Van op de bergkam had je zicht op de Himalaya, alleszins wanneer er niet al te veel wolken waren. Het was echt de ideale plaats om de reis in rust te besluiten. Al werd ik ook daar wel uitgedaagd of ik verder mijn gevoel durfde volgen…

Diezelfde dag nog in de namiddag gingen Kumar en ik het nabijgelegen dorpje bezoeken en ook de school waar één van zijn kinderen zat. Kumar woonde namelijk daar in dat dopje. Ik kon zijn huisje zien liggen vanuit de guesthouse. Maar waar ik eigenlijk naartoe wilde. Na het bezoek aan de school, op de terugweg, werd mijn blik gevangen door een mooie verschijning, opnieuw een jonge vrouw, die met haar neus in de boeken zat, voor haar huis. Ik groette haar met een Namasté, zij groette terug en riep ook iets naar Kumar, die ze kennelijk kende. Achteraf hoorde ik dat Kumar en zij familie bleken te zijn.

Teruggekomen in het hotel begon mijn verstand terug zijn verhaaltje te draaien. Ja, nu zag het er toch niet mooi uit. Ik had nog maar net afscheid genomen die ochtend van Ria en mijn aandacht was al opnieuw op een andere vrouw gevallen. Dit kon toch niet? Wat betekent het voorbijgaande dan nog? Die avond wist mijn Mind terug de touwtjes in handen te nemen en me weg te brengen van mezelf. Opnieuw waren er negatieve gedachten en aan de andere kant van het spectrum fantasieën. Had ik dan niets geleerd uit het voorbijgaande?

Gelukkig kon ik de volgende dag met een frisse lei beginnen. Ik maakte op mezelf een wandeling en liet me gidsen door twee buurtkinderen. Tijdens de wandeling leerde ik nog enkele Nepalese woorden en korte zinnetjes, al ging dit zeer moeizaam. De geringe overeenkomsten tussen onze talen maakte het moeilijk om er al te veel van te onthouden. Later in de voormiddag liet ik me dan toch opnieuw afzakken naar de school, niet luisterend naar wat mijn innerlijke criticus daarop te vertellen had. Toen ik zag dat ze er niet was, ging ik gewoon in de buurt van de school zitten en haalde mijn haakwerk boven. Van de wol die ik had meegebracht was er ondertussen niets meer over, zelfs niet van de hartjes die ik ermee gehaakt had. Tijdens de reis had ik me er meermaals mee pleziert ze ergens achter te laten waar ik me vriendelijk onthaald had gevoeld, of gewoon in tempels, of werkelijk gegeven aan mensen. Vele tientallen hartjes had ik zo reeds weggegeven en het voelde telkens opnieuw fijn, zelfs al kon ik hun reacties erop niet zien. Nu dus zette ik me er neer en begon weer te haken, deze keer met wol uit Nepal zelf. De kinderen die speeltijd hadden kwamen al snel kijken wat ik aan het doen was en enkele assertievelingen durfde ook eentje te komen vragen. Ooh, wat kan ik genieten van de spontaniteit van kinderen, zeker wanneer er nog heel veel puur leven in aanwezig is.

Na daar even gehaakt te hebben vertrok ik terug op weg naar de guesthouse. Monisa, zo vernam ik later, zat ze er weer.

Ik kan me niet echt herinneren hoe ik er naartoe ben gegaan, alleszins zat ik even later naast haar op het bankje en had ze me al water aangeboden. Monisa was een beeldschone verschijning die daarenboven enorm vriendelijk was en dit op een zeer oprechte manier. Ze was zeer direct, doch ook tactvol en warm. Het eerste gesprekje was relatief kort. Ik zat er misschien 5 min en dan zei ze dat het tijd was om te vertrekken, ze diende verder te studeren. Hopla, klaar en duidelijk een grens. Wauw, een vrouw die op zo’n onomwonden manier kon aangeven wat voor haar klopte, ik stond er wat van te kijken en bewonderde het tevens. Ik was er wel altijd opnieuw welkom voor een glas water als ik nog eens in de buurt was, had ze gezegd.

De enkele dagen dat ik daar op die plek verbleef waren snel voorbij en de avond voor mijn vertrek opnieuw naar Kathmandu was al aangebroken. In de tussentijd was ik niet meer terug geweest naar Monisa, doch ze bleef wel terugkomen in mijn gedachten. Het leek erop dat ik ook hier opnieuw voorbij mijn angsten diende te gaan. Niet begrijpend waarom, maar ik voelde dat ik er nog eens heen wilde.

Met aanzienlijke angst en een actieve Mind ging ik op pad om haar nog eens te ontmoeten voordat ik zou vertrekken. Meermaals wilde ik terugdraaien, doch ik vervolgde mijn tocht. Daar aangekomen aan het huisje zag ik er enkel een man van middelbare leeftijd zitten. Ha, een kans om ertussen uit te muizen… Maar, ik wist dat ik dit niet kon doen. Ik ging er naartoe en sprak hem aan. Hij bleek de vader van Monisa te zijn. Het was zoals Monisa een ongelofelijk aardige man met warme uitstraling. Zijn ogen stonden sprankelend en getuigde van een levendige inborst. Zonder veel twijfel bood hij mij direct aan om te wachten op haar. Ze was naar de hoge school om haar examen af te leggen waar ze de dag voordien voor aan het studeren was geweest. Ze studeerde om verpleegkundige te worden.

Uit het gesprek met haar vader begreep ik algauw van waar die goede inborst kwam. Al wachtend daar werd er alles aan gedaan om mij het zo comfortabel mogelijk te maken. Ik kreeg thee aangeboden en ook de zus werd erbij gehaald om met mij te spreken. Na een uur diende de vader naar zijn werk, als nachtwacht in een ziekenhuis. Minoesh, haar oudere zus was al even mooi, vlot en vriendelijk. In totaal heb ik daar denk ik een kleine twee uur gewacht. Om zeker te zijn dat ze onderweg was belde zowel de vader als zus met haar en gaven zelfs de telefoon even door. Je kan je wel voorstellen dat het langs mijn kant toch best wat ongemakkelijk was. Ik kwam nog eens gedag zeggen aan iemand die ik slechts even gezien had en zat daar ondertussen twee uur met vader en zus. Het lukte gelukkig wel redelijk om het ongemak te laten zijn en in het moment aanwezig te blijven. Naar het einde toe dat Monisa zou gaan verschijnen begon ik wel danig nerveus te worden. Waarom deed ik dit toch ook? Wat was hier de bedoeling van? Wat zou zij ervan vinden dat ik daar was, misschien vond ze me niet eens aardig?

De werkelijk ontmoeting zelf was opnieuw niet al te lang, maximaal een dik half uur ofzo. Toen ze toekwam deden we eerst wat aan smalltalk, echter het leek niet echt de bedoeling gewoon onder ons twee te zijn. Zo bleef de zus mee aanwezig en de moeder ook op de achtergrond. Ik vroeg haar of het oké was een wandeling te gaan maken voor even. Na overleg met zus stemde ze in en ging haar omkleden. Toen we vertrokken bleek opnieuw de zus ook mee te gaan. Twee mooie vrouwen en ik, het maakte me toch wel verlegen ook. Monisa stelde heel wat, vaak directe, vragen. Zo ook kwam er gewoon losjes uit dat ze mij een aangename en aantrekkelijk man vond. Gewoon zoals ze het voelde zonder veel schroom kwam het eruit. Ik moest glimlachen. Een beeldmooie, intelligente, zeer vlotte en sociale, zorgzame, warme, eerlijke en authentieke vrouw, zonder ook maar de minste hoogmoed of arrogantie. Ze stond krachtig op zichzelf, kon haar grenzen stellen en evengoed heel warm ontvangend zijn voor de ander. Hoe bijzonder!

En opnieuw mocht ik bij mezelf hetzelfde proces voelen gebeuren. Aanwezig in het moment, mijn gevoel volgend was mijn verstand op de achtergrond. Het contact was aangenaam en evengoed was het wat het was. Op dat ogenblik was ik niet bezig met wat ik eruit zou kunnen halen of wilde ik niet speciaal iets van haar krijgen. Ik was betoverd door de goddelijke schoonheid die ik zag en waar ik mee in contact mocht komen. Ik voelde liefde, gewoon liefde voor de schoonheid van het leven en van die mooie vrouwelijke verschijning, die langs de ene kant in volle bloei was en langs de andere kant de eenvoud zelve. Ik voelde dat ik het niet wilde vastleggen of toe-eigenen. Ik beleefde gewoon in volle dankbaarheid het moment en genoot ervan. We wandelde met zen 3’en naar een tempeltje in de buurt waar we even op een bankje gingen zitten. Vol bewondering aanschouwde ik hoe beide vrouwen ook als vanzelfsprekend God als deel van hun leven ervoeren en dit uitte met hun gebaren. Geen aarzeling of niets. Het leek wel alsof ze al decennia op de aarde vertoefden. Wat een totaalplaat.

En dan was het alweer voorbij. Monisa besloot dat het genoeg was geweest en dat het tijd was om terug naar huis te gaan. Ik gaf haar zoals ik ook aan Ria had gegeven een bandje dat ik had geknoopt en ook zoals bij Ria was het afscheid snel voorbij. Alsof ze hier niet al te veel aandacht besteden aan een afscheid. Ach, waarom ook? Je blijft toch altijd verbonden in de energie, enkel in de vorm dien je afstand te nemen. Monisa had wel gevraagd of ze contact met me mocht maken via mail. Ik liet mijn kaartje achter, maar of ze dat ook werkelijk nog gaat doen? Misschien was dit zoals bij Ria een kostbare ontmoeting, een ontmoeting om te koesteren, maar niet één om in de toekomst te projecteren. Het is wat het is. De toekomst wijst zichzelf wel uit. Alleszins kon ik me niet aan de indruk ontdoen dat ik God had mogen ontmoeten in de vorm van een vrouwelijke manifestatie, een christus in vrouwelijke vorm. Ik was blij dat ik het contact was aangegaan. Het sterkte me nog verder in mijn vertrouwen, het vertrouwen in mezelf. Zo’n prachtige vrouw had tevens een contact met mij gewenst, had me vertrouwd, gezien als wie ik was, zich geopend voor mij en mij geapprecieerd. Het was een andere beleving dan met Ria, doch ook heel waardevol en bijzonder. Ach, het valt gewoon niet te vergelijken.

 

Guesthouse

 

Wat vliegt de tijd ook. Ondertussen zat de reis er alweer bijna op. Een laatste volledige dag in Kathmandu en dan de dag erna nog een halve met tegen de avond de terugvlucht. Wat ik de allerlaatste dag heb gedaan weten jullie al van helemaal in het begin van de eerste post (tattoo). De voorlaatste dag dan bracht ik opnieuw met stadsgids door in Kathmandu. Het was een fijn weerziens met de gids die ik tevens de allereerste dag ontmoette voor een rondleiding in delen van Kathmandu. Het voelde wel fijn om ook opnieuw met hem een dag te kunnen optrekken nu tegen het einde. Ik voelde hoe er toch heel wat veranderd was (en ook weer niet). Ik was door heel  wat doorgegaan en stond daar opnieuw, nog iets meer mezelf dan ervoor. Samen bezochten we het Koninklijke plein in Kathmandu, nog enkele tempels en tenslotte de plaats nabij de grote Shiva tempel waar ze lijkverbrandingen doen. Het was een dag waarin ik me sterk verbonden voelde met mezelf en ook met het land, de cultuur en het Hindoeïsme dat ik meer en meer leerde kennen en appreciëren. Regelmatig doorheen de dag voelde ik een diepe ontroering voor de rituelen en gebruiken die diep geworteld zitten in het oude geloof. Voor hun zijn ze een vanzelfsprekendheid, en misschien zelfs niet meer volledig gewaardeerd, nu vele jongeren naar het westen neigen… Doch voor mij waren het alle kleine en grote wonderen. Door mijn ogen die opnieuw geopend zijn geweest voor de diepere lagen van het bestaan zag ik de diepere ‘waarheid’ en grote waardevolheid van de rituelen.

Zo werd ik bijzonder gegrepen door de ceremonie van de lijkverbranding en alles dat daarbij hoorde. Vanop afstand langs de andere kant van de rivier mocht het gebeuren gevolgd worden. Wanneer op een bepaald ogenblik een vrouw geheel in alle puurheid en volheid haar verdriet belichaamde en naar buiten bracht kon ik niet anders dan mee wenen. Het ontroerde me zo dat ik zo een sacraal moment mocht gadeslaan. Het waren geen tranen van pijn, wel tranen uit ontroering voor de schoonheid van het leven en alles dat daarbij hoort. Het was oké zoals het was, het was juist.

 

Lijkverbranding 1

Lijkverbranding 2

 

En vanuit dit gevoel wens ik ook graag de tekst af te ronden. Zoals ik het daar ook gezien heb. Een afscheid kan kort en krachtig.

Dank je voor het lezen. Namasté (ik buig voor/naar de god in jou)

 

Indien geïnteresseerd in het schrijven van Ria: A letter to my son, part 1 and A letter to my son, part 2

4 Comments

  1. intens, mooi en diep!

  2. Check: Sadhguru. How do you stop the Mind’s Chatter?
    Lees het vol mededogen als deze boodschap hier zo zwart op wit staat.
    kDenk dat we het allemaal kennen. Niemand die het zo zichtbaar durft te maken dan jij.

  3. Namasté, je hebt me meegenomen in je verhaal alsof ik er zelf was, aangrijpend verhaal, eerlijk, open en fantastische meta inzichten. Je bent een geboren schrijver, hopelijk doe je hier iets mee. Veel succes, liefde, hoop en groei…ik mis je lieve ogen, je prachtige glimlach en je stilte …Lore.

  4. Bedankt voor de beleving en het delen van uw verhaal.

Laat een berichtje na de 'biep'.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox

Join other followers: